vorige | terug naar overzicht | volgende

6 maart - Overleven op Robinson

|

2013


Ons eerste Pacifisch eiland is een bijzonder eiland. Isla Mas a Tierra (Eiland Dichtstbij Land) werd in 1966 omgedoopt tot het meer inspirerende Isla Robinson Crusoe, naar de roman van Daniel Defoe. Hij schreef zijn wereldberoemde boek op basis van de getuigenis van Alexander Selkirk, die hier vier jaar en vier maanden in zijn eentje bivakkeerde.

De wereld van Selkirk is niet dezelfde als die door Defoe in ons collectieve geheugen is gegrifd. Hij had geen scheepswrak vol bruikbare schatten, maar moest het doen met de inhoud van zijn zeemanskist waarmee hij in 1704 was afgezet. Selkirk had gelijk te deserteren van het lekkende kapersschip, wat gevaarlijk was aangetast door houtworm. Daarbij waren de condities aan boord erbarmelijk. Wanhopig op jacht naar Spaanse goudtransporten zonk het een maand later voor de kust van Peru, waarbij de meesten het niet overleefden.

Zijn eiland op de 33ste breedtegraad is niet Crusoe's tropisch paradijs met zandstranden en palmbomen. Geen kokosnoten en ananassen voor Selkirk. In plaats van een exotische papegaai en inboorling, had Selkirk een kattenleger wat hem gezelschap hield en de ratten op afstand. Helder water klettert van de majestueus oprijzende bergwanden door de groene bossen. Hij at wilde geiten, pruimen, rapen, zeeleeuwen en kreeften. De endemische zeeleeuwen zijn tegenwoordig beschermd en de kreeften, ook een soort die alleen rond dit eiland voorkomt, zijn voor de huidige 600 bewoners de belangrijkste inkomstenbron.

Het beeld van isolatie en onherbergzaamheid komt niet overeen met onze ervaring. Zodra we het eiland opstappen, overvalt ons de gemoedelijke, warme sfeer van een hechte gemeenschap. De bewoners zijn al ver gevorderd met de wederopbouw van hun eiland na de vernietigende tsunami drie jaar geleden. Voor Chileense begrippen maken ze er iets opvallend degelijks van. We wandelen naar het uitzichtpunt van Selkirk. Na een steile klim krijgen we een waanzinnig uitzicht op beide zijden van het spitse eiland. Op een terrasje genieten we van het lokaal gebrouwen biertje en de lekkerste empanadas van Chili. Knalblauwe, diepgele en felroze bloemen waartussen de rode kolibri's - eveneens uniek in de wereld - rondsnorren, maken de ansichtkaart af.

De gezelligheid wordt nog groter als de jaarlijkse regatta van het vasteland arriveert. Voor de tien kajuitzeiljachten wordt van alles georganiseerd. Lokale vissersboten worden opgetuigd voor een 'inshore' race. 's Avonds smullen we van de kreeft en wijn die door de eilandbewoners gratis worden uitgedeeld. De lokale band bezingt gloeiend van trots de schoonheid van hun eiland. Het wordt druk op de kade als de volgende dag ook het maandelijks bevoorradingsschip aanlegt. Na wat rondvragen kunnen we een afspraak maken met Alexandra. Op haar veranda stalt ze een verbazingwekkende overdaad aan verse groentes en fruit uit. Een enorme luxe vlak voor we aan onze lange oversteek naar Paaseiland beginnen.

Onze heerlijke tijd op het eiland heeft weinig te maken gehad met overleven, integendeel. Voor de eilanders is het anders. Een forse brand wordt geblust door een lange rij aangesnelde dorpelingen, die emmertjes zand doorgeven. Water is te schaars deze zomer. Ook worden de kreeften elk jaar kleiner. Zonder kreeften geen inkomsten. Op het kleinschalige toerisme na zijn er weinig alternatieven. Robinson Crusoe blijft een afgelegen eiland waar het gevecht om in leven te blijven centraal staat.

Fotos: zie vorige column
Literatuur: Diana Souhami, Selkirks eiland. ISBN 90 414 0425 2